Nieuwe subsidieregelingen voor Noord-Nederland

Het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) heeft vijf nieuwe subsidieregelingen gepubliceerd welke vallen onder het Operationeel Programma EFRO Noord- Nederland (OPNOORD).

Het betreft de volgende beleidsregels:

  • Kennisontwikkeling 2016 (KENNIS16);
  • Proeftuinen C 2016 (PROEFTUINC16);
  • Proeftuinen D 2016 (PROEFTUIND16);
  • Tender Valorisatie C 2016 (VALORISATIEC16);
  • Tender Valorisatie D 2016 (VALORISATIED16).

Kennisontwikkeling 2016

De Beleidsregel OP EFRO Kennisontwikkeling 2016 heeft tot doel dat méér noordelijke mkb’ers zich gaan bezighouden met kennisontwikkeling. Dat houdt in dat zij hun kennispositie gaan versterken door samen met andere ondernemers en/of kennisinstellingen te onderzoeken hoe zij nieuwe kennis kunnen aanboren, doorontwikkelen en toepassen.

De beleidsregel is gericht op de specifieke doelstelling B: Betere kennispositie van het mkb door samen met andere bedrijven en/of kennisinstellingen kennis aan te boren, te genereren en naar binnen te halen binnen de in de RIS3 geïdentificeerde maatschappelijke uitdagingen.

Wie komen er in aanmerking?

In aanmerking voor subsidie komen samenwerkende mkb-bedrijven, kennisinstellingen en netwerkorganisaties. Op basis van de beleidsregel is subsidie beschikbaar voor:

  • voorwaardenscheppende projecten: projecten gericht op het anders benutten en beter verbinden van netwerken en netwerkstructuren. Ook het oprichten van nieuwe netwerken is mogelijk, mits deze aantoonbaar ontbreken en zijn gericht op het mkb;
  • kennisontwikkelingsprojecten: projecten gericht op kennisontwikkeling (inclusief onderzoeksprojecten) of kennisuitwisseling met een overtuigend perspectief op innovatie, die bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke uitdagingen én met een sterk onderscheidend karakter.

De subsidie bedraagt maximaal 40% van de subsidiabele kosten en minimaal € 100.000 en maximaal € 1 miljoen per project. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 6 miljoen.

Proeftuinen C 2016

Het doel van de Beleidsregel OP EFRO Proeftuinen C 2016 is om innovatieclusters (kennisinstellingen, mkb-bedrijven en/of grootbedrijven) te ondersteunen bij het opzetten, uitbouwen of verbeteren dan wel onderling (beter) verbinden van proeftuinen.

Onder een proeftuin wordt een open innovatie-omgeving verstaan die over een langere periode aan meerdere partijen ruimte biedt voor het testen van technologische innovatie of marktinnovatie van nieuwe of vernieuwde producten of diensten in een realistische omgeving. Door het gebruik van proeftuinen kunnen mkb-bedrijven hun innovatieve projecten sneller ontwikkelen, waardoor marktlancering sneller kan plaatsvinden.
De beleidsregel is gericht op de specifieke doelstelling C: Meer innovatie en valorisatie in het mkb.

Wie komen er in aanmerking?

In aanmerking voor ondersteuning komen innovatieclusters (kennisinstellingen, mkb-bedrijven en/of grootbedrijven) die als rechtspersoon opereren.

Subsidiabele activiteiten zijn:

  • het aansturen van samenwerking, informatiedeling en het bieden van gespecialiseerde zakelijke ondersteuningsdiensten met betrekking tot de proeftuin;
  • marketing van de proeftuin om nieuwe ondernemingen en organisaties aan te trekken;
  • beheer van de proeftuin, organisatie van opleidingsprogramma’s, workshops en conferenties ter ondersteuning van kennisdelen, netwerken en transnationaal samenwerken.

De subsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten en varieert van minimaal € 200.000 tot maximaal € 2 miljoen per project. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 7 miljoen.

Proeftuinen D 2016

Het doel van de Beleidsregel OP EFRO Proeftuinen D 2016 is om innovatieclusters (kennisinstellingen, mkb-bedrijven en/of grootbedrijven) te ondersteunen bij het opzetten, uitbouwen of verbeteren dan wel onderling (beter) verbinden van proeftuinen gericht op CO2-reductie.

De beleidsregel is gericht op de specifieke doelstelling D: Een hoger aandeel van de innovaties in Noord-Nederland is gericht op CO2-reductie binnen de in de RIS3 geïdentificeerde maatschappelijke uitdagingen.

Wie komen er in aanmerking?

In aanmerking voor ondersteuning komen innovatieclusters (kennisinstellingen, mkb-bedrijven en/of grootbedrijven) die als rechtspersoon opereren.

Subsidiabele activiteiten zijn:

  • het aansturen van samenwerking, informatiedeling en het bieden van gespecialiseerde zakelijke ondersteuningsdiensten met betrekking tot de proeftuin;
  • marketing van de proeftuin om nieuwe ondernemingen en organisaties aan te trekken;
  • beheer van de proeftuin, organisatie van opleidingsprogramma’s, workshops en conferenties ter ondersteuning van kennisdelen, netwerken en transnationaal samenwerken.

De subsidie bedraagt 45% van de subsidiabele kosten en varieert van minimaal € 200.000 tot maximaal € 2 miljoen per project. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 3 miljoen.

Valorisatie C 2016

Het doel van de Beleidsregel OP EFRO Tender Valorisatie C 2016 is dat mkb-bedrijven, maar ook grootbedrijven en/of kennisinstellingen tot meer kansrijke innovaties komen met veel economische en bij voorkeur ook duurzame impact in de regio, en zo mogelijk ook daarbuiten.

De beleidsregel is gericht op de specifieke doelstelling C: Meer innovatie en valorisatie in het mkb binnen de in de RIS3 geïdentificeerde maatschappelijke uitdagingen.

Wie komen er in aanmerking?
In aanmerking voor subsidie komen natuurlijke ondernemingsvormen en rechtspersonen.
Subsidie is beschikbaar voor de volgende activiteiten:

  • innovatietrajecten, gericht op ontwikkeling van nieuwe producten, concepten, technologieën en diensten;
  • testen van innovatieve toepassingen in de praktijkomgeving gericht op valorisatie van nieuwe technieken, indien het testen een logisch onderdeel is van een innovatietraject.

De hoogte van de subsidie bedraagt 30% van de subsidiabele kosten met een minimum van € 100.000 en een maximum van € 1 miljoen per project. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 4 miljoen.

Valorisatie D 2016

Het doel van de Beleidsregel OP EFRO Tender Valorisatie D 2016 is dat mkb-bedrijven, maar ook grootbedrijven en/of kennisinstellingen tot meer kansrijke innovaties komen met veel economische en bij voorkeur ook duurzame impact in de regio, en zo mogelijk ook daarbuiten.

De beleidsregel is gericht op de specifieke doelstelling D: Een hoger aandeel van de innovaties in Noord-Nederland is gericht op CO2-reductie binnen de in de RIS3 geïdentificeerde maatschappelijke uitdagingen.

Wie komen er in aanmerking?

In aanmerking voor subsidie komen natuurlijke ondernemingsvormen en rechtspersonen.
Subsidie is beschikbaar voor de volgende activiteiten:

  • innovatietrajecten, gericht op ontwikkeling van nieuwe producten, concepten, technologieën en diensten, direct gerelateerd aan koolstofarme technologieën die bijdragen aan CO2-reductie;
  • testen van innovatieve toepassingen, die bijdragen aan CO2-reductie, in de praktijkomgeving, indien het testen een logisch onderdeel is van een innovatietraject.

De hoogte van de subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten met een minimum van € 100.000 en een maximum van € 1 miljoen per project. Het subsidieplafond is vastgesteld op € 2,5 miljoen.

Aanvragen
Voor de verschillende beleidsregels gelden de volgende aanvraagperiodes:

  • Kennisontwikkeling 2016: 4 februari tot en met 31 mei 2016. Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst;
  • Proeftuinen C 2016: 4 februari tot en met 31 mei 2016. Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst;
  • Proeftuinen D 2016: 4 februari tot en met 31 mei 2016. Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst;
  • Tender Valorisatie C 2016: 4 februari tot en met 2 mei 2016 (12.00 uur). Aanvragen worden behandeld op volgorde van rangschikking volgens de beoordelingscriteria;
  • Tender Valorisatie D 2016: 4 februari tot en met 2 mei 2016 (12.00 uur). Aanvragen worden behandeld op volgorde van rangschikking volgens de beoordelingscriteria.

Voor meer informatie over de subsidieregeling OPNOORD kunt u contact opnemen met Robert Helmer van de Breed & Partners.