R&D subsidie: 3 misverstanden

1. We kunnen vast wel iets verzinnen om subsidie op aan te vragen, we zijn toch een innovatief bedrijf?

Zodra een nieuwe openstelling van een R&D subsidieprogramma wordt gepubliceerd, zorgen wij er natuurlijk voor dat deze informatie meteen bij onze klanten bekend is. Onze klanten zijn van ons gewend dat wij proactief zijn, en dat onze meerwaarde ligt in het succesvol aanspraak maken op financieringsmogelijkheden voor innovatie. De verleiding is daardoor groot om meteen al te concluderen dat ook van de actuele openstelling gebruik gemaakt kan gaan worden. Immers: de klant is een innovatief bedrijf en wij zorgen dat op de aanvraag niets is aan te merken. Wat kan een subsidieverstrekker nog meer wensen?

Past de R&D subsidie op reeds bestaande plannen?

Het misverstand schuilt in de vraag: waarom heb je de de subsidie nu écht nodig? Het antwoord kan alleen concreet gegeven worden als het ontwikkelplan waarvoor men subsidie wil aanvragen, ook concreet is. Dan blijkt namelijk pas waar het technisch risico en het (soms daaraan gerelateerde) financiële draagvlak schuil gaan. Zo’n concreet plan kan vrijwel nooit vanaf de grond ontworpen worden op basis van de vereisten van een subsidie call. Het is vaak onmogelijk het gewenste detailniveau in de planning en begroting te bereiken voor de deadline van indiening. Bovendien vormen andere kwalificatie criteria van een subsidieprogramma te grote hordes om op die termijn nog te nemen. MIT subsidie voor R&D samenwerkingsprojecten vraagt bijvoorbeeld om projecten waarbij twee MKB bedrijven samen een nieuwe innovatie ontwikkelen. Als naast het überhaupt starten van de concept definitie ook nog een R&D ontwikkelpartner gezocht moet worden, alleen om maar in aanmerking te komen voor de subsidie, wordt een succesvolle aanvraag vrijwel onhaalbaar. De juiste benadering moet dus zijn: past een subsidie call op de plannen die ik al heb?

De werkwijze en inrichting van de organisatie is van belang

De scheidslijn tussen deze twee benaderingen is niet haarscherp. Er zijn nu eenmaal bedrijven die alleen al door hun manier van werken en denken makkelijker binnen de kaders van een nieuw gepubliceerde subsidie call passen. Zij hebben bijvoorbeeld vaste R&D partners waarmee ze vaak samenwerken in verband met hun specifieke expertise. Of ze hebben een wendbare teamstructuur en meer gestroomlijnde plannings- en begrotingsroutines waardoor ook nog niet bestaande projecten snel in de juiste vorm kunnen worden gegoten. De weg naar een compleet en concreet aanvraagdocument is bij dergelijke organisaties een stuk korter. Denk dus eens aan de inrichting van uw organisatie en de ontwikkeling van uw werkwijze. Het kan zomaar eens het verschil maken bij het aanvragen van (overheids)financiering.

2. De planning ontstaat vanzelf wel. Het idee is er en wij werken altijd heel organisch.

De werkwijze en structuur van een organisatie past soms goed, en soms minder goed, bij een aanvraagtraject voor subsidie of financiering. Iedere organisatie maakt een evolutie door van oprichting tot de huidige vorm. De ondernemer kan daardoor in de overtuiging raken dat het succes van zijn organisatie het gevolg is van alle keuzes die in de loop van de tijd zijn gemaakt, en dus ook van de kenmerken die de organisatie op dat moment heeft.

Subsidie en Agile: gaat dit samen?

Een veel voorkomend voorbeeld hiervan is de organisatie die zijn activiteiten al doende uitstippelt. Die het Agile principe overal in doorvoert. Ideaal, want iedereen weet dat je voorafgaand aan een ontwikkelproces nooit weet wat je allemaal gaat tegenkomen. Voor een externe financier is deze methode echter niet zo ideaal. Die wil vooraf weten uit welke onderdelen een ontwikkelproces bestaat, hoeveel tijd en geld er bij die stappen gemoeid is, en waar dus precies de risico’s zitten. Wat betreft de onvoorspelbaarheid van een ontwikkeltraject is Agile dus een realistische werkwijze. Een projectplan wordt er echter minder concreet van. Dat wil niet zeggen dat je de Agile werkwijze moet laten varen als je kans zou willen maken op een subsidiëring van een R&D project. De oplossing ligt zoals zo vaak in het midden. Gebruik Agile als een uitvoeringsmethode, niet als leidende filosofie. Een projectplan kan zeer concreet worden en elk onderdeel van de innovatie kan Agile ontwikkeld worden, met vooraf begrote tijd en middelen.

3. Ons idee is zo baanbrekend, wie weet wat er allemaal uit voortkomt!

Alle succesvolle technologiebedrijven zijn begonnen met een goed idee. Een ondernemer met een lopend bedrijf is zelf ook gestart met een goed idee en weet daardoor dat hij best kan aanvoelen of er uit een nieuw idee mogelijk weer zakelijk succes kan voortkomen. Kleine moeite dan toch om een financier te overtuigen? Het is al eerder gelukt en nu heb je al weer een baanbrekend idee. Er is alleen nog een beetje geld nodig.
Hoe meer kans je echter wilt maken op financiering, hoe minder je er van uit kunt gaan dat financiers je vertrouwen op basis van je instinct voor innovatie. Zij willen overtuigd worden door een beeld te krijgen van het toekomstperspectief van de innovatie, in relatie tot gevraagde financiering. Daarbij, private financiers hebben zelf ook een zakelijke achtergrond en kunnen een deel van die inschatting maken op basis van hun eigen marktkennis terwijl een subsidieverstrekker zich moet kunnen verantwoorden naar de belastingbetaler.

Probeer dus met de bril van de financier op naar je eigen plan te kijken en doe goed onderzoek naar de vermarktbaarheid van je innovatie. Dat is niet alleen goed voor een actuele aanvraagmogelijkheid, maar ook altijd goed voor een realistische en nuchtere blik op je eigen ideeën.

Joris van Eil, consultant De Breed & Partners